De gilden komen

In hoofdstuk 1 van mijn boek in oprichting, werktitel “Werk is niet voor de dommen”, schets ik in het kort een historisch overzicht van betaald werk in Nederland. Te beginnen in de 17e eeuw.

De Gouden Eeuw, -Nederland is internationaal belangrijk, is steenrijk en heeft de grootste vloot ter wereld- , is de periode van de opkomst van de gilden. Vakmensen verenigen zich rond een meester, een titel die ze zelf hopen te bereiken door het maken van een meesterwerk. Van de bouwkunst, houtbewerking en schilderkunst uit die tijd kunnen we nu nog genieten. Werk en mens zijn in die periode nog één, de resultaten prijzig maar onovertroffen.

Door de verbetering van de stoommachine halverwege de 18e eeuw degraderen veel beroepen, de gilden verdwijnen omdat ze te duur en te conservatief zijn en veel mensen trekken van het platteland naar de steden om als fabrieksarbeider hun geluk te beproeven.

Grenssteen tussen Nederland (deze zijde) en Duitsland (het maisveld).

Aan de grenspaal hiernaast uit 1717, een Rijksmonument te vinden aan de Twistveenweg in Enschede, is geen stoomhamer te pas gekomen. Al bijna driehonderd jaar geeft dit stuk Bentheimer zandsteen het onderscheid aan tussen ‘hier’ en ‘daar’. Een relikwie uit de gildetijd, degelijk handwerk en vast een product van het steenhouwers gilde.

In het informatietijdperk, een periode waarin we ons nu zo’n halve eeuw bevinden, is het aantal fabrieksarbeiders met persoonsgebonden vakkennis geminimaliseerd. Een titanium verwerkende fabriek in Almelo, waar ik een aantal jaren geleden op excursie was met een klas, maakt schoepen voor de vliegtuigindustrie. High tech en met machines die volledig worden bestuurd door computers. Mensen verplaatsen het ruwe materiaal en het gereed product en voeren testen uit, de machines werken 7 dagen 24 uur. Computers zijn altijd perfect.

Het psychologisch contract, een begrip uit de organisatiekunde, staat voor de psychologische relatie tussen de werkgever en de werknemer. Een relatie die we al kennen sinds de tijd van de gilden. Ook toen was er een nauwe relatie tussen de meester en zijn leerlingen of gezellen. Nog steeds bestrijkt in onze samenleving het begrip arbeid een groter gebied dan de kale ruil tussen tijd, kennis en vaardigheden aan de ene kant en loon aan de andere kant. We zijn, sociaal gezien, ons werk. Maar hoe lang nog?

Uit een vandaag verschenen rapport van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) blijkt dat het aantal zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers) wederom is gestegen. Maar liefst 708.000 mensen zijn van mening dat ze het prima zonder een werkgever af kunnen. Nog even en we zien dat ZZP’ers die hetzelfde vak uitoefenen zich gaan verenigen. De wedergeboorte van het aloude gilde kon wel eens de volgende stap zijn.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s